Nationalisaties weer aan de orde van de dag

Nationalisaties weer aan de orde van de dag

Nationalisaties maken wereldwijd een opvallende comeback. Waar privatisering, deregulering en globalisering decennialang het economische beleid bepaalden, grijpen overheden nu steeds vaker rechtstreeks in bij bedrijven, infrastructuur, grondstoffen en strategische technologieën. Volgens een recente analyse van professor Nicholas Mulder, auteur van het boek The Age of Confiscation, is dit de snelste golf van nationalisaties in ruim vijftig jaar. Sinds 2020 zijn op alle continenten bedrijven en grondstoffen onder staatscontrole gebracht. Frankrijk en Duitsland namen energiebedrijven over, het Verenigd Koninkrijk nationaliseerde delen van het spoor en de staalindustrie, Rusland nam voor tientallen miljarden aan bedrijven en infrastructuur in beslag en de Verenigde Staten verworven een dominante positie in hun enige producent van zeldzame aardmetalen.

Deze ontwikkeling is geen toevallige reactie op een reeks crises, maar past in een historisch patroon. Het IMF onderscheidt drie eerdere golven van nationalisaties: tijdens de Grote Depressie van de jaren dertig, na de Tweede Wereldoorlog en gedurende de oliecrises van de jaren zeventig. Telkens gingen economische ontwrichting, monetaire onzekerheid en geopolitieke spanningen hand in hand met een grotere rol van de staat. De huidige golf vormt volgens het IMF de vierde grote nationalisatiegolf van de afgelopen eeuw.

Toch is deze periode fundamenteel anders. Waar eerdere nationalisaties zich vooral richtten op banken, spoorwegen of klassieke industrieën, draait het nu om de controle over de fundamenten van economische en geopolitieke macht. Grondstoffen, energie, halfgeleiders, kunstmatige intelligentie, kritieke infrastructuur en defensietechnologie worden steeds vaker beschouwd als strategische activa die niet volledig aan de markt kunnen worden overgelaten.

Nationalisaties komen in golfbewegingen (Bron: The Age of Confiscation; Making and Taking Property in the Creation of the Modern World)
Nationalisaties komen in golfbewegingen (Bron: The Age of Confiscation; Making and Taking Property in the Creation of the Modern World)

Strategisch belang

Daarmee verandert ook de betekenis van grondstoffen. Lithium, koper, uranium, olie, gas en zeldzame aardmetalen zijn onmisbaar voor de energietransitie, defensie en de digitale economie. Naarmate de strategische waarde van deze grondstoffen toeneemt, groeit ook de politieke wens om de productie en export ervan onder nationale controle te brengen. Hetzelfde geldt voor goud. Centrale banken bouwen hun goudreserves al jaren uit om minder afhankelijk te worden van de dollar en het westerse financiële systeem. In een wereld waarin financiële sancties steeds vaker als geopolitiek wapen worden ingezet, neemt ook de strategische betekenis van goudwinning en nationale goudvoorraden verder toe.

Deze ontwikkeling moet worden gezien tegen de achtergrond van een wereld die steeds verder uiteenvalt in concurrerende machtsblokken. Landen streven naar strategische autonomie en willen minder afhankelijk zijn van rivalen voor energie, grondstoffen, technologie en productiecapaciteit. Eigendom wordt daardoor steeds vaker een kwestie van nationale veiligheid. Een mijn, haven, chipfabriek of elektriciteitsnet in buitenlandse handen wordt niet langer uitsluitend beoordeeld op economische efficiëntie, maar ook op geopolitieke risico’s.

Industriebeleid

Nationalisaties maken bovendien deel uit van een veel bredere ontwikkeling: de terugkeer van actief industriebeleid. Westerse overheden nemen steeds nadrukkelijker afstand van het idee dat markten kapitaal het efficiëntst alloceren. Via subsidies, staatsdeelnemingen, importheffingen, vergunningen en regelgeving bepalen zij steeds vaker welke sectoren moeten groeien, welke technologieën prioriteit krijgen en welke bedrijven als strategisch worden beschouwd. De allocatie van kapitaal verschuift daarmee geleidelijk van de markt naar de overheid.

Ironisch genoeg zijn veel van deze interventies ook een reactie op problemen die overheden zelf mede hebben veroorzaakt. Jarenlang beleid op het gebied van energie, industrie en regelgeving heeft investeringsprikkels verstoord, schaarste vergroot en afhankelijkheden gecreëerd. Wanneer deze spanningen vervolgens leiden tot economische of maatschappelijke problemen, ontstaat de politieke roep om nóg meer regie. Zo ontstaat een zichzelf versterkende cyclus waarin beleidsfalen wordt beantwoord met verdere staatsinterventie.

Hoe nu verder?

Naarmate de geopolitieke fragmentatie verder toeneemt, zal deze ontwikkeling waarschijnlijk doorzetten. Buitenlandse investeringen in energie, mijnbouw, technologie en infrastructuur zullen steeds vaker worden beoordeeld vanuit nationale veiligheidsbelangen. Grondstoffen worden strategische machtsmiddelen, terwijl economische efficiëntie steeds vaker plaatsmaakt voor geopolitieke overwegingen.

De nieuwe golf van nationalisaties markeert daarmee veel meer dan een tijdelijke beleidsreactie. Zij weerspiegelt de overgang van een wereld waarin globalisering en vrije markten centraal stonden naar een wereld waarin staten opnieuw de regie opeisen over de allocatie van kapitaal, de toegang tot schaarse grondstoffen en de strategische sectoren die bepalend zijn voor economische en geopolitieke macht.

Voor beleggers betekent het dat politiek en geopolitiek steeds meer invloed krijgen op de waarde van beleggingen. Politieke keuzes bepalen in toenemende mate welke sectoren profiteren en welke onder druk komen te staan. In een wereld waarin staten meer grip krijgen op grondstoffen, technologie en kapitaalstromen, wordt geopolitiek daarmee een onmisbaar onderdeel van een toekomstbestendige beleggingsstrategie.

Lees ook:

Dit artikel verscheen vrijdag 26 juni in de Geotrendlines Weekly. Wil je meer van dit soort artikelen ontvangen? Laat dan onderaan deze website je e-mailadres achter en lees onze weekupdate een maand gratis!

Redactie

Redactie

Dit artikel is geschreven door de redactie van Geotrendlines.

Lees alles van Redactie »